25 sep '26
Nederland heeft een nationaal sanctiebesluit ingevoerd tegen handel in goederen afkomstig uit Israëlische nederzettingen in de bezette gebieden. Wat houdt het verbod precies in, waarom kiest Nederland deze route terwijl handelspolitiek in beginsel een EU-bevoegdheid is en wat betekent het besluit voor ondernemingen die internationaal handelen? Jikke Biermasz bespreekt het besluit dat 22 september 2026 in werking is gestreden.
Op 21 juli 2026 is het Tijdelijk sanctiebesluit onrechtmatige nederzettingen in de door Israël bezette gebieden gepubliceerd in het Staatsblad. Het besluit is twee maanden later – op 22 september 2026 - in werking getreden. Het besluit is politiek gevoelig, maar juridisch interessant. Bijzonder is dat Nederland deze maatregel nationaal invoert nadat in EU-verband onvoldoende steun bleek te bestaan voor vergelijkbare maatregelen. Het komt niet vaak voor dat Nederland ervoor kiest om zelfstandig handelsbeperkingen op te leggen op een terrein dat in beginsel tot de exclusieve bevoegdheid van de Europese Unie behoort. Juist daarom verdient dit besluit aandacht van ondernemingen die internationaal actief zijn.
Volgens het kabinet volgt uit het advies van het Internationaal Gerechtshof van 19 juli 2024 en verschillende VN-resoluties dat staten maatregelen moeten nemen om te voorkomen dat handels- of investeringsrelaties bijdragen aan het in stand houden van de volgens Nederland onrechtmatige nederzettingen in de bezette gebieden. Nederland heeft eerst geprobeerd dergelijke maatregelen op EU-niveau tot stand te brengen, maar daarvoor bleek onvoldoende draagvlak te bestaan. Daarom is gekozen voor een nationaal sanctiebesluit op basis van de Sanctiewet 1977. De regering presenteert het besluit nadrukkelijk als een maatregel ter bevordering van de internationale rechtsorde, zoals bedoeld in artikel 90 van de Grondwet.
Op het eerste gezicht lijkt het besluit vooral neer te komen op een invoerverbod. Wie de regeling leest, ziet echter dat de reikwijdte verder gaat. Het besluit bevat een verbod op:
Opvallend is bovendien dat het besluit niet alleen ziet op goederen die volledig afkomstig zijn uit de betrokken gebieden. Ook goederen die gedeeltelijk zijn geproduceerd in of verkregen uit een nederzetting kunnen onder de reikwijdte vallen. Het besluit sluit voor de afbakening van de betrokken nederzettingen aan bij de EU-postcodelijst. In de praktijk zal de herkomst van goederen dus moeten worden getoetst aan de door de Europese Commissie gepubliceerde lijst van plaatsen en postcodes die zich in de betrokken gebieden bevinden.
Het besluit richt zich daarmee op de gehele handelsketen en niet uitsluitend op de importeur aan de buitengrens.
Artikel 8 van het besluit verklaart de handelsverboden tot bepalingen van bijzonder dwingend recht in de zin van artikel 9 van de Rome I-Verordening. Daarmee beoogt de regering te verzekeren dat deze verboden niet eenvoudig terzijde kunnen worden geschoven door een rechtskeuze voor buitenlands recht. Volgens de nota van toelichting zijn de bescherming van fundamentele rechten en de bevordering van de internationale rechtsorde daarvoor zwaarwegend genoeg.
Voor juristen is wellicht de meest interessante vraag of Nederland dit überhaupt zelfstandig mag regelen. De gemeenschappelijke handelspolitiek behoort immers in beginsel tot de exclusieve bevoegdheid van de Europese Unie. Dat betekent dat lidstaten normaal gesproken niet zelfstandig handelsbeperkingen invoeren ten aanzien van derde landen. De regering erkent dit probleem ook en besteedt een aanzienlijk deel van de toelichting aan de verenigbaarheid met het Unierecht.
De kern van de redenering is dat de maatregelen kunnen worden gerechtvaardigd vanuit de uitzondering van de openbare orde. Volgens het kabinet vormen de bescherming van fundamentele normen van internationaal recht en de bevordering van de internationale rechtsorde een voldoende zwaarwegend belang om nationale maatregelen te rechtvaardigen. Of deze constructie uiteindelijk standhoudt, zal moeten blijken. Het zou niet verrassend zijn als hierover in de komende jaren procedures worden gevoerd, mogelijk tot aan het Hof van Justitie van de Europese Unie.
Voor ondernemingen ligt de grootste uitdaging bij de herkomst van goederen. Het besluit gaat ervan uit dat ondernemingen voldoende inzicht hebben in hun keten om te kunnen vaststellen waar goederen, grondstoffen en halffabricaten vandaan komen. Bij invoer in de EU via Nederland geldt bovendien een verklaringsplicht. Importeurs die in Nederland een invoeraangifte doen voor goederen van oorsprong uit Israël bestemd voor het vrije verkeer van de EU, moeten verklaren dat de goederen niet afkomstig zijn uit de betrokken nederzettingen.
Daarmee wordt supply chain compliance opnieuw belangrijker. Voor veel ondernemingen zal dit betekenen dat zij leveranciersinformatie, oorsprongsdocumentatie en interne controles kritisch moeten beoordelen. Niet alleen directe importeurs, maar ook distributeurs, handelaren, kopers en tussenpersonen kunnen met deze regelgeving worden geconfronteerd.
Interessant is dat de regering zelf erkent dat de handhaving van het besluit niet eenvoudig zal zijn. De Douane, FIOD en het Openbaar Ministerie hebben er tijdens de voorbereiding op gewezen dat het in de praktijk lastig kan zijn om de werkelijke herkomst van goederen vast te stellen. Ook de Afdeling advisering van de Raad van State heeft aandacht gevraagd voor deze handhavingsvraagstukken.
Toch heeft het kabinet ervoor gekozen de maatregel door te zetten. Dat onderstreept dat het besluit niet alleen is ingegeven door handhavingsoverwegingen, maar ook door de wens om een juridisch en politiek signaal af te geven.
De sancties bij overtreding zijn aanzienlijk. Overtreding van het invoerverbod, aankoopverbod, verkoopverbod, verbod op tussenhandeldiensten of het omzeilingsverbod kwalificeert als economisch delict. Bij opzettelijke overtreding kan sprake zijn van een misdrijf waarop een gevangenisstraf van maximaal zes jaar of een geldboete van de vijfde categorie staat. Daarnaast zijn verbeurdverklaring van goederen, stillegging van ondernemingsactiviteiten en andere bijkomende maatregelen mogelijk. Toezicht, handhaving en opsporing liggen bij de Douane, de FIOD en het Openbaar Ministerie.
Los van de politieke discussie laat dit besluit zien hoe snel het sanctierecht zich de laatste jaren ontwikkelt. Waar sanctieregels vroeger vooral werden geassocieerd met klassieke landenprogramma's tegen bijvoorbeeld Rusland, Iran of Noord-Korea, zien we steeds vaker maatregelen die rechtstreeks ingrijpen in reguliere handelsketens en uitbreiding en aanscherping van maatregelen om omzeiling tegen te gaan.
Voor ondernemingen is de belangrijkste les niet geopolitiek, maar praktisch: weten met wie zij handelen, waar goederen vandaan komen en wat de risico’s in de keten zijn, is steeds meer een juridische verplichting in plaats van een commerciële keuze.
Internationale handel wordt steeds vaker beïnvloed door geopolitieke ontwikkelingen, sanctiemaatregelen en veranderende Europese regelgeving. Ploums team Douane, Handel en Logistiek ondersteunt ondernemingen bij compliance-vraagstukken, onderzoeken, handhavingstrajecten en procedures op het gebied van douanerecht, sanctierecht, exportcontrole en productregelgeving. Vragen over de gevolgen van het nieuwe sanctiebesluit voor uw organisatie? Wij denken graag met u mee.
25 sep 26
23 sep 26
16 sep 26
07 sep 26
20 aug 26
07 aug 26
30 jul 26
30 jul 26
24 jul 26
17 jul 26
16 jul 26
13 jul 26
Met uw inschrijving blijft u op de hoogte van de laatste juridische ontwikkelingen op dit gebied. Vul hieronder uw gegevens in om per e-mail op te hoogte te blijven.
Blijf op de hoogte van de laatste juridische ontwikkelingen in uw sector. Vul hieronder uw gegevens in om op maat gesneden juridische updates en uitnodigingen voor evenementen te ontvangen.
Volgen wat u interessant vindt
Krijg aanbevelingen op basis van uw interesses
{phrase:advantage_3}
{phrase:advantage_4}
We vragen u om uw voor- en achternaam zodat wij die kunnen gebruiken als u zich bijvoorbeeld inschrijft op een Ploum Kennisevent.
Er wordt automatisch een wachtwoord voor u aangemaakt. Zodra uw account is aangemaakt ontvangt u dit wachtwoord in een welkomstmail. U kunt er direct mee inloggen. Dit wachtwoord kunt u indien gewenst ook zelf aanpassen via de wachtwoord vergeten functie.